Weer een grom.
Met een ruk draaide ik me om.
Geschuifel.
Steeds dichterbij.
De stank was niet te harden nu.
Weer gegrom.
Harder dan eerst.
Er moest iets gebeuren, en snel. Ik begon mijn omgeving af te tasten. Een kast. Blikken. Een bezem. Toen sloten mijn handen zich om een handvat. Zo te voelen had ik een grote schep te pakken. Ik greep mijn wapen stevig vast, spitste mijn oren, en wachtte af.